BouwMachines Kennisdag: sector vergroent in hoog tempo

De sector bouwmaterieel is hard op weg naar verduurzaming, zo bleek opnieuw op de BouwMachines Kennisdag. De grote vraag is echter of we niet te veel focussen op emissieloos materieel. Met hetzelfde geld zou je op de korte termijn veel meer milieuwinst kunnen boeken door in te zetten op ‘schoon’ materieel zoals Stage V. Willen we niet te veel en te snel?
Delen:
(Foto's: Koos Groenewold)

De druk bezochte en geanimeerde BouwMachines Kennisdag stond dinsdag in het teken van ‘Praktisch innoveren’. En hoe kan het anders dan dat vooral werd uitgewerkt naar duurzamer werken, met een nadruk op de emissievrije bouwplaats in 2030.

Compliment

Directeur Jan Hommes van BMWT gaf de sector vanaf het podium een compliment. Hij wees er op dat de voorzitter van Bouwend Nederland Maxime Verhagen tijdens de BouwMachines Kennisdag in 2017 al waarschuwde dat de sector zelf in beweging moest komen om te voorkomen dat er van alles van bovenaf zou worden opgelegd. En nu is de sector al zo ver dat er geen discussie is over het einddoel. Wel zijn er nog veel hobbels te nemen, waaronder dus de vraag of de sector niet te veel en te snel wil.

BMWT-voorzitter Jan Hommes: 'Er is ongelooflijk veel creativiteit in deze sector.'

The Fixers

Journalist Thomas van Belzen van Cobouw ging zich op de kennisdag specifiek met die vraag bezig houden, op verzoek van Jan Hommes en dagvoorzitter Sandy Nijhuis. Het resultaat van zijn gesprekken op de BouwMachines Kennisdag is hier te zien, in een nieuwe aflevering van The Fixers.

Casus Otterland

De BouwMachines Kennisdag had zelf ook een innovatie ondergaan. Een belangrijk programmaonderdeel was namelijk de casus Otterland. Twee teams waren aan het werk gezet om voor dit fictieve project een zo milieuvriendelijke aanpak uit te werken. De teams bestonden uit medewerkers van diverse bedrijven en sectoren, zoals aannemers en materieelombouwers en verhuurders. Een deskundige jury beoordeelde de plannen. Beide teams kwamen met mooie duurzame oplossingen, zowel in materieel als materiaal. Het winnende team – Sustineri – scoorde net iets hoger doordat het had uitgerekend het project volstrekt emissieloos te kunnen bouwen.

De twee deelnemende teams aan Casus Otterland presenteren hun inschrijvingen. Links dagvoorzitter Sandy Nijhuis.

Prijs van HVO

Bij het Tafelgesprek over Praktisch Innoveren ging het ook over de snelheid waarin de verduurzaming moet gaan innoveren. Duidelijk werd wel dat er op korte termijn veel mogelijk is als bijvoorbeeld op HVO minder accijns zou worden geheven. Die boodschap werd richting de overheid meegegeven aan Valentijn Holewijn, projectmanager van Schoon en Emissieloos Bouwen.

Harry Hertsenberg, voorzitter KOMAT en directeur Infra Van Werven, Chris Huijboom, HAN Automotive Research, Valentijn Holewijn, Projectmanager Schoon en Emissieloos Bouwen bij Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (v.l.n.r.) in gesprek met dagvoorzitter Sandy Nijhuis.

Tijd nodig

Voor de langere termijn kan dan de focus blijven op emissieloos, ofwel vooral elektrisch aangedreven materieel. Daarvoor is echter veel meer nodig, zoals de infrastructuur voor opladen. Maar er is ook meer elektrisch materieel nodig. Dat is er nu nog niet. Het zijn vooral losse ombouwprojecten als het gaat om groter materieel. Kleiner materieel is er wel al af-fabriek. Dat bespaart de kosten van ombouw én de kosten van een dieselmotor met bijbehoren die vervolgens wordt gedemonteerd. Jan Hommes sprak de verwachting uit dat fabrikanten vanaf 2025 of 2026 elektrische materieel in productie gaan nemen. Ze hebben die tijd nodig, onder andere om te kijken wat de beste technieken zijn en in welke richting de markt zich gaat ontwikkelen. Ook veiligheid is daarbij een belangrijk item.

Frans van Asseldonk hield zijn toehoorders voor dat duurzaam werken verder gaat dan de inzet van emissievrije machines.
Innoveren doe je niet alleen, was de insteek van de kennissessie van Henry Steenbergen namens Rabobank.
Lars Kool van UMS ging vooral in op het veiligheidsaspect met betrekking tot werken met elektrische machines.
Jan Hommes schetste namens BMWT het perspectief van zero emissie grondverzetmaterieel.

Duurzaam personeelsbeleid

De BouwMachines Kennisdag telde vier kennissessies, die alle vier druk bezocht werden. Ook deze stonden in het teken van duurzaamheid, waarbij Frans van Asseldonk van Tobroco Giant daar sterk invulling aan gaf op het menselijke aspect. ‘Duurzaamheid is ook iets dat lang mee gaat. Dat geldt voor klanten, maar ook voor ons personeel.’

In eigen hand

Tobroco biedt hen scholing aan, maar wil ze ook aan zich binden. Dat geldt ook voor buitenlandse arbeidskrachten. Toen het bedrijf merkte dat die na verloop van tijd vertrokken zocht het uit wat de reden daarvoor was. Vaak was dat het uitzendbureau en huisvesting. Beide heeft Tobroco nu zelf in eigen hand genomen. En buitenlandse werknemers krijgen hetzelfde betaald als Nederlandse werknemers. Maar dat geldt ook voor vrouwen en mannen, zo gaf Van Asseldonk aan.

Restwaarde

Ook de Rabobank was vertegenwoordigd en gaf een kennissessie over de financiering van verduurzaming. Uitgangspunt moest volgens de bank zijn dat financiering mogelijk is ‘tot dat je hoort dat het niet kan’. De bank wil meedenken en zoekt oplossingen, samen met alle partijen waaronder ook energieleveranciers. Wat financiering betreft zou het wel eens kunnen zijn dat de restwaarde van elektrisch materieel nu nog te laag wordt ingeschat en die van diesels juist te hoog, zo waarschuwde de bank.

Standhouders

De BouwMachines Kennisdag vond plaats op het Bouw en Infrapark in Harderwijk. Zowel binnen als buiten waren diverse stands ingericht met ook hier weer vooral emissieloos materieel. In een ongedwongen sfeer werden vele gesprekken met elkaar aangeknoopt. Met als doel om de volgende stappen te zetten naar verduurzaming. En dan niet alleen door de koplopers, maar door ‘het hele peloton’. Op de volgende BouwMachines Kennisdag in november, opnieuw georganiseerd in samenwerking met BMWT en Bouwend Nederland, zullen die volgende stappen ongetwijfeld weer aan bod komen.