PARTNERTEST | RELLY 1.0E: Meteen goed!

Elektrische machines zijn in opmars, maar het aanbod is beperkt. De Schans in Hedel haakt in op de groeiende vraag met de Relly-serie, nieuwe wielladers van 1.250, 1.650 en 2.400 kg. Testmachinist Jan Jacob Bles mag een ochtend aan de slag met de 1.0E, de lichtste van het drietal. Heeft de fossiele minishovel er een geduchte concurrent bij?
Relly 1.0E

De vraag naar elektrisch neemt sterk toe’, vertelt Jan-Willem Slegh van De Schans in Hedel. ‘Nederland behoort daarbij tot de koplopers, samen met Zweden en Noorwegen, landen waar we ook actief zijn. Het aanbod is echter beperkt, terwijl de vraag juist in het compacte segment waarin wij actief zijn zeer groot is. In de loop der jaren hebben we veel ervaring opgedaan met aanpassingen. Zelf een geheel nieuwe elektrische wiellader bouwen was een logisch vervolg.

Bij de ontwikkeling van de relly heeft voorop gestaan dat de gebruiker geen beperkingen moet ervaren

Stratenmakers zijn onze belangrijkste doelgroep, ook hoveniers weten ons te vinden. We weten precies wat onze klanten van een machine verwachten: een doordachte constructie, lage onderhoudskosten en een lange levensduur. Heel belangrijk is een simpele bediening die voor minder ervaren gebruikers geen drempels opwerpt.’ Jan Jacob Bles knikt instemmend: ‘Ik ben heel benieuwd hoe hij aanvoelt, ook in vergelijking met de fossiele minishovels die jullie aanbieden en waarmee ik altijd met plezier heb gewerkt.’

Componenten op logische plek

Bij elektrificatie wordt vaak een fossiele machine als basis gebruikt en ook bij De Schans is in eerste instantie wel in die richting gedacht. Gaandeweg ontdekte het vierkoppige ontwerpteam dat dit niet de juiste weg was. Wat bij een diesel een logische plek is voor belangrijke componenten, hoeft dat bij elektrische aandrijving niet te zijn. Een elektromotor kun je gemakkelijker een andere plek geven dan een diesel en dan kun je ook voor andere componenten de meest logische plaats zoeken. De elektromotor en de hydraulische pomp zitten bij de Relly met een speciaal voor dit doel gekozen riemaandrijving gekoppeld naast elkaar, een geheel nieuwe, bij deze configuratie voor de hand liggende oplossing.’

Het motorvermogen bedraagt 15 kW, de Lithium-Ion accu heeft een capaciteit van 315 Ah. De siliconenslangen van het koelsysteem hebben een lange levensduur.

Bij de ontwikkeling van de Relly heeft voorop gestaan dat de gebruiker geen beperkingen moet ervaren. Daarom viel relatief gemakkelijk verkrijgbare 48 Volt heftrucktechniek bij voorbaat af. Jan-Willem Slegh: ‘Dat zou de ontwikkelingstijd hebben bekort, maar zou voor de aandrijving een compromis zijn geweest. We wilden perse een systeemvoltage van 100 Volt, genomen op 290 Ah. Een 30 kWh accupakket is standaard, binnenkort komt daar optioneel een 40 kWh-accu bij. Daar zijn we best trots op, bij zo’n kleine machine.’

De Relly 1.0E, met 950 kilo hefvermogen, kan op een volle acculading meer dan zes uur continu werken. Volgens Jan Jacob is dat ruimschoots toereikend voor de bedrijven die dit soort machines gebruiken. ‘Een stratenmaker of hovenier zit nu eenmaal geen uren achtereen op zijn machine, hij moet ook nog allerlei dingen met zijn handen doen.
Als hij ‘s morgens met een ‘volle bak’ kan beginnen, kan hij een dag vooruit.’ De oplaadtijd bedraagt 9 uur bij 230 Volt netstroom.

Nieuw, maar toch vertrouwd

Onze testmachinist loopt nieuwsgierig om de Relly heen. ‘Weet je wat ik nou leuk vind? Ik weet dat hij vanaf de basis helemaal nieuw is ontworpen, om de mogelijkheden die elektrische tractie biedt zo veel mogelijk uit te buiten. En toch zie ik er qua concept wel weer iets heel vertrouwds in terug. Datzelfde geldt ook voor de solide constructie, spuit ‘m legergroen en je denkt dat hij voor de landmacht is ontwikkeld. Als je zo naar de machine kijkt, valt niet meteen op dat er geen dieselmotor in ligt, pas als je op zoek gaat naar de uitlaat kom je erachter. Het accupakket ligt onder de stoel, alles is netjes weggewerkt en heel overzichtelijk. Er valt bijna niets te controleren, als je weet dat de accu vol is en het hydraulisch systeem voldoende olie heeft, kun je aan het werk!’

Een sticker met een haas en een schildpad, simpeler kun je de werking van ene rempedaal niet uitleggen. Bij het rijpedaal hetzelfde principe andersom. Bombproof vloerbeplating.

De Relly beschikt over een proportioneel stuurblok van Bosch dat voorin de machine is geplaatst. Dat is een groot voordeel ten opzichte van de conventionele plaatsing achterin omdat er nu geen geen slijtagegevoelige slangenbos meer door het scharnierpunt loopt. De voordelen van proportionele bediening kent inmiddels iedereen wel. Je kunt niet alleen op eenvoudige wijze de reactiesnelheid instellen, maar ook meerdere functies inprogrammeren.

De stuurkolom is in hoogte en hellingshoek verstelbaar. Proportionele joystickbediening behoort tot de standaarduitrusting.

Onze machinist is het ook al opgevallen: ‘Kijk eens aan, een digitaal display is, touch screen zelfs. Handig dat je nu met je wijsvinger kunt kiezen tussen de menu’s als je van hulpstuk wilt wisselen. Om te beginnen heb je shovelbediening en machinaal straten. Een legklem stuur je dan met een zijwaartse beweging van de joystick, zoals de stratenmaker dat graag heeft. Het derde menu is hier geprogrammeerd op vegen, maar dat kun je ook laten aanpassen voor een andere functie. Goed bedacht!’

Vlot en stabiel

De Relly heeft een kunststof stuurkolom, tegen meerprijs is een stalen behuizing beschikbaar. Jan Jacob heeft daar zo zijn gedachten over: ‘Kunststof is prima voor een bedrijf waar de baas zelf alles in het oog houdt, maar is dat niet het geval, ik vind staal z’n meerprijs absoluut waard. Helemaal bij verhuur; ik erger me soms groen en grijs aan de manier waarop er dan met machines wordt omgesprongen. De stoel is gelukkig hufterproof. Voor de nette gebruiker is het fijn dat je goed zit en voldoende verstelmogelijkheden hebt. In combinatie met het verstelbare stuur zal bijna iedereen op deze machine een passende zitpositie kunnen vinden.’

De productie van de Relly is begonnen, met een opbouw naar meer dan vierhonderd stuks per jaar.

Jan Jacob pakt de Relly stevig aan, maar wel met respect. De testmachine kan ondertussen alvast wennen aan zijn toekomstige werkzaamheden; het parkeerterrein van het net voltooide nieuwe bedrijfspand van De Schans moet worden bestraat. Af en toe onderbreekt onze testmachinist het egaliseren van de ondergrond en het heen en weer zeulen met volle bakken zand om glunderend verslag uit te brengen: ‘Ik word hier toch wel even stil van. Hij is
lekker vlot en zeer stabiel, ook als je met een volle bak door bochten manoeuvreert, zelfs met de sper er niet in. Vooruit of achteruitrijden kies je via de joystick, Dat ben ik al meer tegengekomen, maar fijn dat het met deze machine ook kan.’

Kracht over

Onze expert drukt het rijpedaal tegen de vloer en duwt de bak nog eens in een berg zand. ‘Nou, de Relly lijkt er zelf ook veel plezier in te hebben, gezien het enthousiasme waarmee hij van de plek gaat. Het is nergens goed voor en vooral niet voor je stroomreserve, maar hier zit zoveel kracht achter dat ik op deze zanderige ondergrond voortdurend met doorslippende wielen kan wegtrekken, zoveel power heeft die elektromotor. Dat mag ik graag zien bij een minishovel, vanzelfsprekend is dat beslist niet. Zo’n ding moet kracht óver hebben en dat heeft deze! Je moet je ook niet vergissen in het opgegeven vermogen van 15 kW, zo uit mijn hoofd dik 20 pk.’

Negen uur laden via een 230 Volt contactdoos en een lege accu is weer klaar voor zeker zes uur werken.

‘Minstens zo belangrijk is dat een elektromotor over het volle toerenbereik zijn maximum koppel bereikt. Hij begint er aan te sleuren zodra hij toeren maakt en dat voel je meteen, onder meer door de manier waarop hij uit de startblokken komt als je gas geeft. Dat laatste is eigenlijk een rare uitdrukking bij een elektromachine, maar we houden we er toch maar in’, grinnikt Jan Jacob.

Ook iemand met minder ervaring kan er na een beetje oefenen al gauw mee lezen en schrijven

De shovelbak maakt plaats voor een palletvork, die meteen een lading grote tegels voor de kiezen krijgt. ‘Echt zwaar is deze machine natuurlijk niet met zijn 1.250 kilo, maar ik ben er verbaasd over wat hij kan tillen. Officieel kan hij 950 kilo hebben, maar ik heb het gevoel dat ik zonet nog wel iets meer heb verzet. Hij is ontzettend vlot op snelheid en behoudt z’n souplesse als je er snel mee wilt werken. De bediening blijft soepel, niks hakken en stoten, altijd kracht, dat voel je. De bediening voelt vertrouwd aan, het gaat allemaal ontzettend soepel en gemakkelijk.’

Het Bosch proportionele stuurblok zit op de voorwagen, zodat er alleen nog maar bekabeling door het knikpunt gaat en geen hydraulische leidingen.

Bescheiden geluidsproductie

Kom Jan Jacob, is er nou werkelijk helemaal niets waaraan je moet wennen? We hóren onze Friese expert denken, terwijl hij ietwat glazig naar het passerende verkeer kijkt. ‘Nou, wennen is een groot woord, maar als er iets werkelijk anders is, is dat wel het geluid. Normaal komt de hydrauliekpomp niet boven de dieselmotor uit, maar hier hoor je hem wel, al blijft het bescheiden. Naar het schijnt, word je in een stille werkomgeving minder snel moe, zo’n Relly is dus ook in arbo-termen een mooie ontwikkeling!’

Het testprogramma zit erop, gezeten op een pallet tegels laten we de ogen nog eens over de Relly glijden. Om tot de conclusie te komen dat De Schans, als relatief klein bedrijf, met deze puur Nederlandse machine een prestatie van formaat heeft geleverd. Jan Jacob vat het treffend samen: ‘Hij is krachtig, oerdegelijk en zeer doordacht. Ook iemand met minder ervaring kan er na een beetje oefenen al gauw mee lezen en schrijven. Ik vind het een knappe machine die ook heel nieuwsgierig maakt naar de 1.650 kg 1.6E en de 2.450 kg 1.8E.’

Via het touch screen display heeft de gebruiker drie mogelijkheden om een programma te kiezen.

De productie van de Relly is begonnen, met een opbouw naar meer dan vierhonderd stuks per jaar. Ondertussen is het elektrische aanbod nog altijd beperkt. In het lichtere segment is de 1-tons Relly 1.0E zelfs uniek. Jan-Willem Slegh blijft er nuchter onder: ‘We weten waar onze klanten behoefte aan hebben en streven er niet naar om de allergoedkoopste te zijn. Onze traditionele verkoopargumenten als een lange gebruiksduur – dat is óók duurzaamheid – bedieningsgemak en een hoge restwaarde houden we in ere. Daar verandert ook in het stekkertijdperk niets aan.’

Dit artikel is gesponsord door De Schans.