Funderen onder hoogspanning: ex-stratenmaker blinkt uit op unieke 86-tonner 

Funderen onder hoogspanning: ex-stratenmaker blinkt uit op unieke 86-tonner 

Hij begon ooit als stratenmaker, nu draait hij op een unieke funderingskraan waar er in heel Nederland maar één van rondrijdt. Guido Hamstra (42) uit het Friese Sint-Annaparochie rijdt iedere dag over de Afsluitdijk om met zijn ETEC van maar liefst 86 ton aan de slag te gaan bij het Amsterdamse Voorbij Funderingstechniek. "Ik was meteen verkocht."

Nee, hij komt niet bepaald uit een machinefamilie. Twintig jaar geleden begon Guido nog stratenmaker. “In de winter lag dat stil en zat je thuis. Maar ik wilde graag wat doen.” Zijn buurman werkte bij funderingsbedrijf Vroom en peilde Guido’s interesse.” Ik was meteen verkocht, wilde het in ieder geval proberen. De grote machines trokken me. Het grootste waarmee ik tot dan toe had gewerkt was een trilplaatje.”

Ook toen al, in 2006, was er een groot tekort aan goede vakmensen. En dus kon hij meteen terecht. “Ik liep eerst tien jaar onder de machine. Vibropalen maken; die buizen vullen en beton scheppen. Mijn ambitie was om ooit op de kraan te belanden, dat wist ik al heel snel. Maar de volgorde was: onder de machine, dan op de shovel en dan doorgroeien naar de kraan. Maar ik had niks met shovels, dat leek me helemaal niet leuk. Gelukkig mocht ik die stap overslaan kon ik m’n papieren voor de kraan halen. Dat vond ik mooi, ik kreeg het vertrouwen dat ik het kon.”

Vaste kraan, vaste ploeg

Vijf jaar terug was hij toe aan een nieuwe uitdaging en kwam hij via een kennis bij Voorbij terecht. “Ik was bij Vroom een beetje een manusje van alles. Maar ik wilde graag mijn vaste ding: een vaste kraan, vaste ploeg.” Was dit niet hét uitgelezen moment om dichter bij huis wat te zoeken, in plaats van helemaal naar Amsterdam? “Er zitten in Friesland wel wat kleinere funderingsbedrijven, maar ik zag die jongens vaak genoeg samen met mij over de Afsluitdijk rijden, daar hoefde ik het dus niet voor te laten”, lacht Guido.

Toch belandde hij ook bij Voorbij in eerste instantie op allerlei verschillende hulpkranen. “Toen ben ik op een gegeven moment het gesprek aangegaan, ze vonden het goed dat ik aan de bel trok. Nu heb ik sinds november mijn eigen vaste kraan: de ETEC 886-V, een omgebouwde Doosan. Daar hadden ze nooit een vaste machinist voor maar daar ben ik voor gevraagd.”

Buizen boren

Met zijn unieke kraan boort Guido funderingsbuizen in de grond, met behulp van zijn speciale giek en aanbouwdeel. “Het is eigenlijk vrij simpel. Er wordt mij door een hulpkraan een buis aangegeven en de jongens die onder de kraan lopen sluiten de boor aan. Vervolgens zet ik die buis rechtovereind, rijd ik naar de plaats van bestemming en boor ik ‘m in de grond.”

Dit werk voert Guido uit met zijn vaste ploeg van vier à vijf man. “Naast mezelf hebben we een hulpkraan van Kobelco met machinist, een lasser en iemand bij de betonpomp. Als het werk er om vraagt sluit er een zuigwagen aan om het grout dat omhoogkomt bij het boren weg te zuigen. De laatste tijd zijn we druk bezig met schakelstations van TenneT, vanwege de netcongestie worden die veel uitgebreid of bijgebouwd.”

Vriendelijk bedrijf

Hij zit goed op z’n plek, bij het Amsterdamse Voorbij. “In het begin moest ik wel wennen, er heerst toch weer een andere werkcultuur dan wat ik gewend was. Het is hier heel gemoedelijk. Een mooi, vriendelijk bedrijf.” En ook op zijn huidige kraan zit hij op z’n plek. “Dit vind ik het leukste wat ik tot nu toe in mijn loopbaan gedaan heb. Er komt veel bij kijken. Wij zijn dus vaak rond hoogspanningsmasten bezig, dat is natuurlijk uitkijken geblazen. Je wil daar niet tegenaan rijden. En alles moet heel nauwkeurig kloppen. Lassen, boren, noem maar op. Je bent de hele dag heel afwisselend met van alles bezig.”

Terwijl de vraag naar funderingswerk groeit, lijkt het volgens Guido of de bereidheid om het werk te doen afneemt. “Er komen weinig nieuwe collega’s bij. Als er 15 bijkomen gaan er 16 weg, bij wijze van. Het lijkt wel of er steeds minder mensen zijn die dit werk willen doen, zeker jongeren niet. Dat vind ik wel heel zonde. Zolang er gebouwd wordt heb je een fundering nodig. Maar ja, niemand wil nog vroeg op of langer dan 32 uur in de week werken. Ik ben op m’n 14e op een boerderij begonnen. Hard werken, maar dat deed je gewoon. Je wordt er niet slechter van.”

En dat terwijl het volgens Guido een mooi vak is. “Je bespreekt met je werkvoorbereider wat de bedoeling is en je voert die klus zelf uit. Het is leuk om dat samen met die vaste ploeg jongens te doen. Iedereen heeft z’n taak, en ik ben daarin dan de overkoepelende factor. Als de klus dan goed geslaagd is geeft me dat voldoening.”

Lees ook: Meten is weten: emissieloos funderen onder hoogspanning