artikel

Binnen 5 minuten wisselen tussen sloop- en graafgiek

Ondernemen Premium

Binnen 5 minuten wisselen tussen sloop- en graafgiek

Krappe planningen, weinig ruimte en slopen tussen de nieuwbouw. De renovatiesloop van het beurscomplex in het Duitse Essen is een zeer complexe puzzel waarvan sloopbedrijf Laarakkers uit Sambeek momenteel de laatste stukjes legt. De nieuw aangeschafte Kiesel Multi Carrier is een machine die naadloos past binnen de manier waarop Laarakkers werkt. Binnen vijf minuten kan de machine wisselen tussen sloop- en graafgiek, en dat is uniek.

Recent nam Laarakkers zijn Kiesel Multi Carrier (KMC) 400 in gebruik. Feitelijk een Hitachi ZX350-6 die door Kiesel, de Duitse Hitachi-importeur, is verbouwd tot een 40-tons multifunctionele machine. De basismachine bouwt Kiesel in serie, de snelwisselgieken maken hem multifunctioneel. Van graafgiek, sloopgiek tot vakwerkgiek; alles kan eraan. Een geraffineerd en doordacht concept waarover straks meer.

Al snel is duidelijk dat de machine naadloos past bij de manier van werken bij Laarakkers. Slim slopen met een uiterst rationele aanpak, snel schakelen en niet te bang voor een uitdaging. Na een dag rondgekeken te hebben in Essen, lijkt dat de werkwijze van Laarakkers in een notendop.

Professioneler

Na jaren van forse groei telt Laarakkers nu 95 vaste medewerkers, dagelijks aangevuld met 30 à 40 inhuurkrachten. En dat was soms hectisch. Want ook zonder acquisitie bleef nieuw sloopwerk komen, terwijl de organisatie in eerste instantie niet was meegegroeid met het aantal mensen op de werkvloer. Waarbij de sloper tegen grenzen aanliep, want een middelgroot bedrijf runnen volgens de structuren van een klein bedrijf, dat gaat op lange termijn niet. Marcel Laarakkers: ‘De laatste jaren hebben we de organisatie binnen ons bedrijf daarom professioneler gemaakt, met bijvoorbeeld iemand voor personeelszaken en projectmanagers met elk hun eigen verantwoordelijkheden. Nu hebben we veel meer rust in het bedrijf.’

Marcel runt het bedrijf, gevestigd in het Noord-Brabantse Sambeek, samen met zijn broer Wiljan. De taakverdeling is helder: Wiljan calculeert met nog drie collega’s en neemt nieuwe sloopwerken aan, Marcel is met zijn team verantwoordelijk voor de praktische uitvoering en dus ook de machines die hiervoor nodig zijn. Laarakkers is van oudsher voornamelijk actief in het Ruhrgebied, dat is zo gegroeid. Laarakkers: ‘Voor ons is dat niet veel verder rijden dan bijvoorbeeld Utrecht.’

Drie fases

Terug naar het werk: midden in Essen wordt een groot deel van het beurscomplex verbouwd. Een meerjarig miljoenenproject waarbij alle beursactiviteiten gewoon doorgaan. In drie fases sloopt Laarakkers zo’n 25.000 vierkante meter om ruimte te maken voor bouwbedrijf en opdrachtgever Implenia. Naast de sloop verzorgt Laarakkers ook direct het grondwerk.

De eerste fase startte in 2016, de laatste fase is nu bezig. Binnen negen weken moeten de mannen hier veel werk verzetten. En dat heeft nogal wat voeten in aarde. Het zijn de laatste restjes oude gebouwen en een aanbouw die tussen de inmiddels gerealiseerde nieuwbouw vandaan geplukt moeten worden. Straks is er 4.000 ton ijzer en 30.000 ton puin vrijgekomen. De helft van het puin breekt Laarakkers ter plekke voor hergebruik. De rest voert de sloper af naar de eigen Duitse vestiging om het daar te breken.

Afstemming

Op het werk is veel afstemming nodig tussen de verschillende partijen. Dat op een beperkte ruimte ook de aannemer druk bezig is, beurzen plaatsvinden en veel kabels en leidingen onaangeroerd in de grond moeten blijven, maakt het werken extra lastig.

Alle ervaringen die Laarakkers met diverse machines heeft in het sloopwerk, gecombineerd met de passie voor techniek, resulteert erin dat de ondernemers écht wel weten wat er op de markt te koop is. Ook weten de mannen aan de hand van kosten exact wat ze wél en niet (meer) willen. Werken op krappe binnenstedelijke locaties is hierin bij Laarakkers een terugkerend thema, en dat is mede de reden waarom er geïnvesteerd is in de KMC.

Plannen makkelijker

Marcel Laarakkers: ‘Het ombouwen van graafgiek naar sloopgiek kost normaal gezien al snel twee tot 2,5 uur. Dat is te lang. In de praktijk wordt het dan niet gedaan; dan worden er toch met de sloopgiek tussendoor vrachtwagens puin geladen. De KMC wisselt van giek binnen vijf minuten. Het is een dure oplossing, maar je hebt veel meer nuttige inzettijd. Ook het plannen van transport is makkelijker, je bent minder aangewezen op containerauto’s doordat er altijd wel  geladen kan worden.’

Laarakkers doelt vooral op projecten waar rechtstandig gesloopt wordt. Eerst hoog slopen, daarna puin laden, de fundering eruit graven en dan verder. ‘Tot nu zouden we dan twee machines op zo’n werk zetten, waarbij er meestal maar één tegelijk kan werken. Op zulke slopen wisselen we nu tot drie à vier keer per dag van giek en doet één machine alles.’

In één geheel op transport

Kiesel bouwt zowel zwaardere als lichtere basismachines, en levert twee sloopgieken op deze KMC400; een 21- of 24-meterse variant. Laarakkers maakte bewust de keuze voor de 21-meterse versie. Die beschikt over dezelfde OQ80-snelwissel als de korte graafgiek én kan overweg met zwaardere aanbouwdelen tot 4 ton.

Laarakkers: ‘Dat is fors, want de meeste machines gaan in deze klasse tot aanbouwdelen van 3 ton. Het mooie aan Kiesel is dat het niet alleen de machines bouwt en verkoopt, maar dat het zelf ook een verhuurvloot heeft met verschillende gieken.’

Ook de keuze voor deze basismachine is bewust gemaakt. De 40-tonner is fors genoeg voor het werk dat hij moet gaan doen, en tegelijk schuurt hij tegen het maximale dat nog netjes in één geheel op de dieplader kan, zonder al te veel restricties. Want dankzij de uitschuifbare onderwagen die in transportstand binnen de drie meter blijft, mag de machine in Duitsland ’s nachts, maar óók overdag buiten de spits vervoerd worden. Dat maakt flexibel. De machine mag ofwel met de sloopgiek ofwel met de graafgiek in één geheel op transport.

Minder kraankosten

De machine is altijd met een set van twee gieken op pad. Voor de tweede giek bouwde Laarakkers zelf een flatbed-container met steunen waar willekeurig één van beide gieken op kan. Laarakkers: ‘Die giek weegt zo’n 10 ton en die kan ik thuis niet zelf lossen. Telkens een telescoopkraan laten komen kost geld. Nu kan de KMC de giek zelf op de transportbak zetten. Die laten we vervolgens met een binnenlader transporteren. Per keer verzetten scheelt dat zo’n 1.500 euro aan kraankosten.’

De KMC is voor Nederland uniek. Op de Duitse markt draaien er wel meerdere in praktijk. Zo wist Laarakkers vooraf wat voor vlees hij in de kuip had met de investering. ‘We hebben ook al eerder Hitachi-machines bij Kiesel gekocht dus het bedrijf is ons niet onbekend.’

Voor maximale zekerheid sloot Laarakkers een vijfjarig onderhoudscontract af bij de machine. En ongetwijfeld zal daar in Sambeek zorgvuldig aan gerekend zijn. Overigens nóg een voordeel van de verjonging van het machinepark, is dat de KMC met zijn Stage IV-motor weer even zorgeloos vooruit kan wat betreft de emissie-eisen en milieuzones.

Foto's

Reageer op dit artikel