artikel

Melse Maljaars zweert bij rupsdumpers

Materieel Premium

Melse Maljaars zweert bij rupsdumpers

De aandacht voor bodemgesteldheid groeit onder opdrachtgevers. Een rupsdumper met z’n lage bodemdruk kan in die zin uitkomst bieden. Toch is het nog altijd een nichemarkt in Nederland. BouwMachines ging langs bij Melse Maljaars om te horen wat de voor- en nadelen in de praktijk zijn. Het loonwerk-, grondverzet- en verhuurbedrijf in het Zeeuwse Aagtekerke heeft er diverse jaren ervaring mee.

Kijkend in de loods heeft Melse Maljaars volop ervaring met machines op rupsen. Compacte rupsdumpers van onder andere Kubota staan klaar voor een huurder. De meeste machines blijken echter op pad te zijn.

6-tons Morooka MST800-HR

In 2010 kocht Melse Maljaars de eerste grotere rupsdumper: een 6-tons Morooka MST800-HR. Mede-eigenaar Piet de Visser legt uit: ‘We hadden toen al kleinere dumpers in de verhuurtak en daar paste deze grotere mooi bij. Ook kregen we toen bestekken van het waterschap. Sommige klussen waren te nat voor een trekker met gronddumper. Het speelt dan mee dat je vaak aan het werk bent op het eigendom van een ander, bijvoorbeeld op grond van een boer. Je wilt dan zorgen dat je er zo zorgvuldig mogelijk mee omspringt en geen sporen nalaat. Rijplaten leggen kan, maar een rupsdumper is soms handiger.’ Sindsdien vormen de rupsdumpers ook een oplossing die ontstaat in overleg met de klant, dat kan dan weer voordelen geven bij een aanbesteding.

Bak op draaikrans is ideaal

Met z’n lage bodemdruk voldeed die eerste Morooka aan de verwachtingen. De Visser: ‘Met de 5-kuubs bak is hij niet overdreven groot. Het bleek al snel een handig ding op projecten. Ook al loopt hij op een volle werkdag maar een paar uur, je kunt hem toch niet missen, bleek al snel.’

Ook al loopt hij op een volle werkdag maar een paar uur, je kunt hem toch niet missen.

De rupsdumper bleek handig voor allerlei klussen. Naast grondverzet bijvoorbeeld ook om snel wat beschoeiingsmateriaal op te halen en bij te rijden. Chef-werkplaats Wout Spruijt: ‘We hebben in het begin wat aanpassingen gedaan. Zo hebben we het chassis dichtgemaakt met staalplaten om de motor beter te beschermen, voor als er eens wat grond naast de bak komt. Je hebt natuurlijk wel onderhoud aan het rijwerk omdat alles meestal in de modder loopt.’

Het is met name het concept van die eerste machine dat de mannen na zo’n 2.700 draaiuren nog altijd goed aanstaat. Want doordat de bakopbouw op een draaikrans staat, kun je aan alle kanten kippen zonder te schranken. Zo blijft de ondergrond goed intact. De Visser: ‘Die bak is er in Nederland opgebouwd, en je merkt gewoon dat het qua constructie goed in elkaar zit.’

Originele vaste bak

Zo komen we meteen bij een puntje van kritiek op de in 2014 nieuw gekochte Morooka MST 1500VD, de grootste dumper bij Melse Maljaars. Spruijt: ‘Deze heeft de originele kipperopbouw vanaf de fabriek. Origineel zijn de zijborden van deze kipper maar 30 centimeter hoog, de importeur heeft deze zelf verhoogd.’

Na vier jaar werken heeft die lichte bak al wel wat meegemaakt. In de zware klei heeft die dan ook geen lichtzinnig leventje. De Visser: ‘Het staat los van de machine op zich, maar achteraf gezien hadden we er beter direct een op maat gemaakte kipperopbouw van een Nederlandse fabrikant op kunnen zetten.’ De Morooka mag dan compact ogen, het is een serieus machientje. De 6-cilinder Caterpillar C6.6 levert een forse 225 pk. En het leeggewicht is zo’n 10 ton.

Porfierpaden

Er schiet nog een project te binnen waarin de dumpers hun meerwaarde bewezen hebben, als voorbeeld. De Visser: ‘Voor Tennet hebben we porfierpaden aangelegd. Die moeten exact minimaal 5 centimeter dik zijn. Met trekkers en dumpers rijd je echter sporen in de bedding die je met het dure profier weer moet opvullen. Door met de rupsdumpers te werken, reden we geen sporen en spaarden we materiaalkosten uit. Daarop konden we het winnen. En de schranklader op rupsen kon de porfier direct profileren.’

Door met de rupsdumpers te werken, reden we geen sporen en spaarden we materiaalkosten uit. Daarop konden we het winnen.

Geen tapijtje

Zoals bij praktisch alle rupsdumpers ogen de cabine en het interieur spartaans. Een blind paard kan er weinig schade aanrichten. Visser lacht: ‘In de meeste van onze rupskranen ligt een tapijtje in de cabine. Maar dit is toch een andere tak van sport.’ Instappen met modderlaarzen is dan ook de praktijk van alledag in de dumpers, die voor driekwart van de tijd in de losse verhuur draaien. Verder zijn er simpelweg weinig functies, waardoor de bediening niet complex hóeft te zijn.

Voor het heel zware grondverzet zijn de huidige dumpers te klein. ‘Nu huren we die soms in als we er werk voor hebben’, besluit De Visser, die niet uitsluit dat er op termijn een grotere dumper bijkomt. Want de Zeeuwse ondernemers zien de aandacht voor de bodem onder hun eindklanten toenemen. En dat is extra werk voor de dumpers op rupsen.

Melse Maljaars: rijke historie

Melse Maljaars is een familiebedrijf met een flinke historie. Meer dan 90 jaar geleden werd het opgericht door Jaap Melse. Door aangetrouwde vennoten kwam later de naam Maljaars erbij.

Intussen staat de derde generatie aan het roer. De dagelijkse leiding is in handen van Piet de Visser en mede-vennoot Jan de Visser, overigens geen familie. Met 40 medewerkers komt de omzet voor 10 procent uit landbouw-loonwerk en 90 procent uit grondverzet. Een deel is eigen aangenomen werk, een deel verhuur.

Het machinepark bestaat uit vijf rupsgraafmachines en negen mobiele graafmachines. Een groot deel is uitgerust met 3D-gps. Er zijn elf minigravers. Een specialisme van het bedrijf is profileerwerk met drie shovels en twee schrankladers op rupsen. Alle vijf zijn uitgerust met een leveller. Enkele trucks en trekker-dumpercombinaties maken het machinepark compleet.

Foto's

Reageer op dit artikel