artikel

Composiet laadschopbak te licht bevonden

Materieel

Hij won in 2015 in Parijs de prestigieuze JEC innovation Award en een jaar later kreeg Vabo Composites er de Innovatie Flevopenning 2016 voor uitgereikt: de composiet laadschopbak. Nu ligt hij achter het bedrijfspand in Emmeloord weg te kwijnen tussen andere spullen, want niemand wil ermee aan de slag. Wat is dat toch met de composiet laadschopbak?

Composiet laadschopbak te licht bevonden

Van aanrechtbladen tot bruggen en van printplaten tot vliegtuigrompen: composiet materialen – vezels met kunststofharsen – zijn niet meer weg te denken uit ons leven. Maar er is één sector waarin we composieten bijna niet tegenkomen: onze eigen materieelsector. Ja, motorkappen, luiken en deuren worden er van gemaakt, maar niet de echt sterke staaltjes. Al zijn er met de composiet laadschopbak wel pogingen gedaan. Het bleef echter bij pogingen, want de bak is nooit in praktijk ingezet. En dat is best jammer. Want testen met de nieuwe laadschep in plaats van de conventionele stalen bak toonden namelijk aan, dat shovels grotere volumes grond en zand konden verzetten. Gebruikers van de composiet laadschep konden dus met minder shovels toe om eenzelfde hoeveelheid werk te verrichten. Deze plussen klinken positief in een tijd waarin het bereiken van een lage Total Cost of Ownership (TCO) voorop staat.

Kuiken innoveert

Het verhaal van de composiet bak begint een decennium geleden bij Kuiken. Directeur Rob van Hove zette in op innovatie en vroeg zich af of er geen onderdelen lichter waren te maken om brandstof te besparen. Voor moederbedrijf Volvo Construction Equipment was sleutelen aan een wielladerarm of ander machinedeel geen optie, dus werd voor de bak gekozen. Uitgangspunt was om zoveel mogelijk de metalen versie na te bootsen. Berekeningen en proeven gaven al snel aan, dat hier geen wezenlijk (brandstof)voordeel mee was te bereiken. Dat voordeel kwam wel, toen de bak groter maar niet zwaarder werd gemaakt en hij circa tien procent meer lading kon verplaatsen in een gelijkwaardige cyclus. Directeur Arnold Vaandrager van Vabo Composites vertelt: ‘Bij de eerste testen bleef hij heel en toen we hem bij het verladen van split hadden ingezet was er weliswaar veel slijtage, maar ging hij niet kapot.’

Composiet scheepsdeur wint ook JEC Innovation Award

Vabo Composites heeft zojuist met de Accedoo ‘plug and play’ composiet scheepsdeur de JEC World 2017 Innovation Award gewonnen in de categorie Marine. Directeur Arnold Vaandrager: ‘De afgelopen anderhalf tot twee jaar hebben we hard gewerkt aan deze ontwikkeling. We zijn als team dan ook heel trots op deze onderscheiding.’ De ontwikkeling van de composiet scheepsdeur kwam tot stand gekomen in samenwerking met het Instituut voor Composiet Ontwikkeling (ICO BV) en Spil Composites. De prijs is aan de teamleden uitgereikt op 15 maart jonstleden, tijdens de JEC World Trade Show in Paris.

Slijtage vormt een probleem

Dat de composiet bak geen succes werd, is volgens Vaandrager aan een samenloop van omstandigheden te wijten. ‘Allereerst bleek de slijtage van het composiet materiaal een groter probleem dan gedacht. Als remedie moesten we een vrij dure coating aanbrengen. Daarnaast was de noodzakelijke mal een forse investering. Die zette flink druk op de kostprijs van de bak. Maar goed, toen we alles onder controle dachten te hebben werd Kuiken verkocht aan het Belgische SMT en viel het project van die kant stil.’

Allereerst bleek de slijtage van het composiet materiaal een groter probleem dan gedacht

Vaandrager nam op persoonlijke titel de rechten van de composiet bak over, maar pakte het project niet verder op. Reden is dat Vabo Composites steeds meer werk krijgt uit de maritieme sector en er zelfs een primeur aanstaande is. De kans is namelijk groot dat een in composiet materiaal ontwikkelde scheepsdeur als één van de eerste in de wereld een typegoedkeuring krijgt van Bureau Veritas. Na een traject van ruim 3 jaar kan Vabo Composites dan een lichtgewicht maar wel 30 minuten brandwerende veiligheidsdeur op de markt brengen. Dit nieuwe product wordt wereldwijd omarmd en inmiddels geleverd in verschillende landen binnen en buiten Europa. Dat zal de productie in Emmeloord flink opstuwen. Daarnaast wordt gehoopt dat de snel groeiende bekendheid ervan ook andere producten zal meetrekken. Dus wie weet, is er toch nog toekomst voor de composiet laadschopbak en komt hij nog weer een keer achter van het terrein af…

Ook on hold: composiet Fiby kipper

Nog een product gemaakt van composiet: de Fiby kipper. Het prototype werd in 2010 met groot enthousiasme gepresenteerd en het jaar daarop genomineerd voor een grote innovatieprijs. De Fiby kipper was een Volvo FMX 8×4 met een laadbak van composiet materiaal. Hij kon 2000! kg extra lading meenemen en verbruikte leeg rijdend 12 procent minder brandstof dan een vergelijkbare truck met stalen laadbak. Bovendien was de kunststof bak goed bestand tegen hoge temperaturen (tot 180 graden Celsius). In combinatie met het gladde oppervlak was ze daardoor zeer geschikt om warm asfalt in te vervoeren.

Positief getest
De composiet laadbak deed het uitstekend bij testen en er waren plannen om de kipperbak in binnen- en buitenland op de markt te brengen. Zover kwam het niet. Martin Luinstra, zeer nauw betrokken bij de ontwikkeling van de Fiby kipper, zag het in 2010 onbewust al aankomen. Hij zei toen: ‘Wij maken al jaren kippers van staal. En steeds dacht ik: waarom moet het toch zo zwaar? Je kunt zoveel meer transporteren als de kiepbak lichter is. Tja en dan ga je out of the box alternatieven bedenken. Papier, karton. Onmogelijk natuurlijk. Carbon? Te duur. Kunststof? Waarom niet. We zijn ons erin gaan verdiepen en kwamen op composiet uit. In de auto- en vliegtuigindustrie gebruiken ze het ook. Het is licht, sterk en duurzaam. Voordat we een prototype maakten, hebben we marktonderzoek gedaan. 80 procent van de transporteurs vond een lichte, composieten bak prachtig, maar 99 procent gaf aan er geen vertrouwen in te hebben. Er werden grapjes over gemaakt. Boterhamtrommeltje, Tupperwarebakje.’ Luinstra en de zijnen zetten in 2010 echter door en maken een prototype. Na de introductie van de Fiby kipper lijkt het tij te keren. De verwachting was dat er op jaarbasis duizend stuks verkocht konden worden.

Wie pakt de handschoen op?
Anno 2017 weten we dat het niet zo heeft mogen zijn. Het door veel transporteurs uitgesproken wantrouwen over de technische kwaliteit en mogelijkheden, gekoppeld aan de onvermijdelijk iets te hoge prijs van de eerste exemplaren, deden de composiet kipper de das om. Het wachten is nu op de ondernemer die zeven jaar later wel brood ziet in de lichtere laadbak. Die ondernemer kan nog altijd via www.composittransport.com contact leggen met het bedrijf van Martin Luinstra dat het prototype realiseerde.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels