artikel

Max de Vries: Volop kansen voor recycling

Branche

Vijftien jaar lang was Max de Vries directeur van BRBS Recycling. Bij zijn afscheid van de branchevereniging voor breken en sorteren, ziet de bijna-pensionado volop kansen voor de sector. ‘We staan pas aan het begin. Maar laat duidelijk zijn dat we de overheid keihard nodig hebben. Een consistent overheidsbeleid zal de investeringen in de sector fors aanjagen.’

Max de Vries: Volop kansen voor recycling

Sinds zijn aantreden bij de BRBS Recycling, in 2003, heeft De Vries de sector fundamenteel zien veranderen. ‘Als je in die jaren kort na de eeuwwisseling een grote sorteerband had, een schudzeef, een waterjigger, een windshifter en een magneetband, dan kon je spreken van een geziene sorteerinstallatie. Tegenwoordig komen er robots, eddy current, röntgen en infrarood kleurscheidingssystemen aan te pas. De sector heeft een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Tegelijkertijd zeg ik: alles staat nog in de kinderschoenen. Er is nog veel en veel meer mogelijk. Hightech-technieken kunnen de sector in de toekomst verder vooruithelpen.’

Nog 20% te gaan

Het totale jaarlijkse afvalvolume in ons land ligt rond de 60 miljoen ton. Ongeveer 80 procent daarvan wordt op de een of andere manier gerecycled. Dat is fors, erkent, De Vries, maar er is dus nog 20% te winnen. Daarnaast is de uitdaging om steeds hoogwaardiger materiaal uit afval terug te winnen. Hoe hoogwaardiger het materiaal, hoe meer het oplevert, en hoe breder toepasbaar het is. Het terugwinnen van de oorspronkelijke grondstof uit het afval, is het ultieme doel.

Wat volgens De Vries goed gaat, is dat het afvalvolume minder hard stijgt dan voorheen. ‘Het bruto nationaal product en de hoeveelheid afval liepen in het verleden gelijk op. Maar inmiddels is de afvalstroom zo ongeveer gestabiliseerd. Het is prachtig dat dit is gelukt.’

Recycling verder aanjagen

Om recycling verder aan te jagen, en om toe te groeien naar een circulaire economie, is aanvullend overheidsbeleid nodig, betoogt De Vries. ‘Recyclingbedrijven zijn doorlopend op zoek. Wat kan ik met die afvalstromen? De overheid kan krachtig sturen met stort- en verbrandingsverboden voor bepaalde materialen, met een verbrandingsbelasting, of het opleggen van een sorteerplicht. Storten en verbranden moeten naar mijn mening nog veel sterker worden ontmoedigd dan nu gebeurt.’

Storten en verbranden moeten naar mijn mening nog veel sterker worden ontmoedigd dan nu gebeurt.

Verbrandingsovens zitten het nemen van strenge maatregelen nogal eens in de weg, meent De Vries. ‘Er is nog steeds sprake van overcapaciteit. Verbranden is daardoor te goedkoop. En aan die verbrandingsinstallaties hangen ook nog eens grote warmtenetten. Dat wordt de nieuwe molensteen. Want daarmee geef je toch het signaal af: hier gaan we nog jaren mee door.’
BRBS Recycling heeft destijds gestreden tegen de uitbreiding van de verbrandingscapaciteit.

Gesprekken met toenmalig minister Jacqueline Cramer en een aan de Tweede Kamer aangeboden petitie mochten niet baten. De naweeën van deze verloren strijd laten zich nog altijd voelen, stelt De Vries. ‘Daardoor krijg je, heel plat, een soort economische belangenafweging. De overheid heeft zelf vaak grote financiële belangen in die verbrandingsinstallaties. Als recyclingbranche sta je dan op achterstand. Terwijl de discussie daar helemaal niet over zou moeten gaan.’

De ban op teer

Max de Vries, BRBS Recycling

Max de Vries: ‘Beton verwerken in beton; dat is de circulaire economie in optima forma.’

De discussie zou in de visie van Max de Vries moeten gaan over recycling. Over het hergebruik van grondstoffen. Over circulaire economie. ‘Als we dat willen met z’n allen, moeten we ook concrete stappen in die richting zetten, en dit dan consequent volhouden.’ Een mooi voorbeeld daarvan is de ban op teer, vindt De Vries. ‘Toenmalig minister Jan Pronk heeft in 1999 gezegd: al het teer de wereld uit, te beginnen uit Nederland. Vanaf dat moment was het niet meer toegestaan om teer te gebruiken of hergebruiken. Pronk vertrok, maar alle hierop volgende kabinetten hebben deze koers vastgehouden.’

Het gevolg is dat de recyclingsector ging investeren in oplossingen, stelt De Vries. ‘Ons land telt nu drie thermische recyclinginstallaties. In deze installaties wordt teer uit teerhoudend asfalt gestookt. Dan houd je zand, grind en vulstof over. Het beleid van de overheid heeft echt zekerheid gegeven voor deze industrie. En dit heeft dan weer geleid tot deze investeringen. Het mooie is dat er zeer onlangs, in maart, een convenant is gesloten met de Vlaamse overheid om teerhoudend asfalt uit Vlaanderen nu hier in Nederland te gaan verwerken. Dat is dan weer nieuwe business.’

Granulaat als fundatie

Hoezeer de sector de overheid nodig heeft, blijkt ook uit de oorsprong van BRBS Recycling zelf. Zo’n veertig jaar geleden gingen enkele brekers met Rijkswaterstaat in gesprek over de mogelijkheid om recyclinggranulaat te gebruiken als fundatie onder wegen. Het granulaat bestond voor de helft uit betonpuin en voor de andere helft uit metselwerkpuin. ‘Het gevolg was een keiharde fundatie, die inmiddels onder zo ongeveer alle rijkswegen ligt. Dat is uniek in de wereld.’

De gesprekken en afspraken met Rijkswaterstaat leidden tot de oprichting van BRBS Recycling. Inmiddels wordt onderzocht of bij wegfundaties een hoger percentage metselwerkpuin kan worden gebruikt, en minder beton. De eerste resultaten stemmen tot tevredenheid. De recyclingsector wil betonpuin graag vaker en meer verwerken in nieuw beton. Maar daarbij heeft de betonindustrie de nodige aarzelingen. ‘Beton verwerken in beton; dat is de circulaire economie in optima forma. Ik hoop daarom dat de betonindustrie haar reserves in de toekomst zal laten varen.’

3 fases

Van het bouw- en sloopafval wordt intussen het overgrote deel gerecycled. Steenachtig materiaal wordt voor ruim 99 procent hergebruikt, gemengd bouw- en sloopafval voor 80 procent. Bij dit gemengde afval zitten onder meer isolatiematerialen, fijnere delen, composiet, en ‘vervuilers’ als pur en kit. Om méér gemengd bouw- en sloopafval te kunnen recyclen, zijn volgens De Vries aanvullende investeringen nodig. ‘Maar die moeten wel uit de businesscase komen’, voegt hij hieraan toe.

Recycling moet de basis zijn van alles. Maar dat zit nog bij lang niet iedereen tussen de oren.

‘Grofweg zijn bij de puinachtige stroom in het bouw- en sloopafval drie fases te onderscheiden. De eerste fase is het voorkomen dat afval op de stort belandt, en het gebruiken als fundatie onder wegen. Daarbij bespaar je ook nog eens centimeters asfalt, omdat de weg dunner kan worden gedimensioneerd. De tweede fase is dat je individuele stromen in het puin, met name beton, hergebruikt: beton in beton. Daar zitten we nu middenin. De derde fase is het slimme breken. Dan gaat het over het terugwinnen van de oorspronkelijke grondstoffen uit beton. Dan houd je zand, cement en kiezel over. De kiezel is weer als grind te gebruiken, het zand als zand. Van het cement kan je via een thermische behandeling een nieuw bindmiddel maken. Daarmee ga je dus helemaal terug naar de oorsprong van de grondstoffen. Dáár ligt volgens mij toekomst. Er lopen nu diverse pilots en onderzoeken. Ik ben ervan overtuigd dat deze derde fase heel snel kan gaan als de doorbraak eenmaal is bereikt.’

Focus op dichtbij

Ondanks de vele pleidooien voor een circulaire economie, is het volgens De Vries nog lang niet zo ver dat de definitieve doorbraak al in zicht is. ‘Ik citeer dan graag professor Derk Loorbach van DRIFT, het Dutch Research Institute for Transition. Loorbach zegt altijd: er wordt nog heel wat meegestribbeld. Partijen durven meestal wel te zeggen wat er in 2030 of 2050 moet gebeuren. Maar als het gaat over vandaag of morgen, wordt het vaak een stuk moeilijker. Wij focussen heel sterk op die dichtbij-doelstellingen. Handen aan de ploeg!’

Max de Vries, BRBS Recycling

‘Aan verbrandingsinstallaties hangen grote warmtenetten. Dat wordt de nieuwe molensteen’, zegt Max de Vries.

Max de Vries is nu 66 jaar, en draagt het stokje komende zomer over aan Peter Fraanje, de huidige directeur van de NVTB, de branchevereniging van toeleveranciers in de bouw. Voor Fraanje ligt er werk genoeg, weet De Vries. ‘Er zijn op dit moment namelijk nog steeds provinciale overheden en gemeenten die een fundatie onder een weg willen die uit 100% beton bestaat. Of provincies die per se primair zand als fundatie onder hun fietspaden willen, in plaats van gereinigd zand. Dat is klinkklare onzin, en goedbeschouwd is het zelfs schandalig. Recycling moet de basis zijn van alles. Maar dat zit nog bij lang niet iedereen tussen de oren. Zelfs niet bij de overheid. Dus ook mijn opvolger hoeft zich straks niet te vervelen.’

Reageer op dit artikel